Een groet van de aartsbisschop

Een groet van de aartsbisschop
aan alle gelovigen in het Aartsbisdom Utrecht bij het begin van het Paastriduum 2016

Broeders en zusters in Christus Jezus onze Heer,

Utrecht, Witte Donderdag 2016

Elk jaar weer is het voor mij als bisschop een grote vreugde om als Kerk van het Aartsbisdom Utrecht bijeen te zijn voor de Chrismamis samen met priesters, diakens, religieuzen, pastoraal werk(st)ers, vertegenwoordigers van al onze parochies, vormelingen en catechumenen. De Chrismamis is de feestelijke Eucharistieviering waarin ik de oliën mag zegenen en wijden die gebruikt worden voor de bediening van diverse sacramenten. De Chrismamis vindt jaarlijks plaats in de Onze Lieve Vrouwekerk te Apeldoorn vlak vóór het begin van de drie heilige dagen van Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Pasen ofwel het Paastriduum.

Dit jaar waren er – meer dan anders – tijdens de Chrismamis ook medechristenen aanwezig die hebben moeten vluchten. Wij wilden een teken stellen om hen te laten blijken dat wij oog hebben voor hun moeilijke situatie en dat zij bij ons welkom zijn. Daarom heeft één van de vluchtelingen tijdens de Chrismamis een lezing uit de Heilige Schrift voorgelezen. Ook hebben enkele vluchtelingen samen met vormelingen brood en wijn naar het altaar aangedragen.

In het Paastriduum verenigen wij ons met het lijden van onze Heer Jezus. Dat lijden manifesteerde zich al vroeg in Zijn leven, bijvoorbeeld toen zijn moeder Maria en Jozef kort na Zijn geboorte met Hem moesten vluchten naar het verre en vreemde Egypte. Het lijden van Jezus – tot op het kruis – zien wij in onze dagen aanwezig in het zware kruis dat veel vluchtelingen dragen, onder wie een groot aantal medechristenen. Dat kruis is ook aanwezig bij allen die niet kunnen vluchten en die nu in hun thuisland verdrukt of zelfs gegijzeld, gemarteld en vermoord worden.

Wie van ons werd vorig jaar niet diep geraakt door de schokkende beelden van de 21 Koptische medechristenen die vastgebonden en gekleed in oranje pakken door gemaskerde IS-strijders over een strand in Libië werden gevoerd, om vervolgens door hen te worden onthoofd? Een Koptische christen, Wael Mories, maakte nadien een schilderij van hen met daarop afgebeeld Jezus die voor hen uitloopt, het kruis op Zijn schouders, op weg naar Zijn en hun executieplaats. U ziet het hieronder.

Vorig jaar is het aantal medechristenen dat in onze wereld vervolgd wordt, sterk gestegen. Zij komen ook naar ons land en onze parochies. We zien hen in onze kerken en ontmoeten hen in onze vieringen. Indachtig de brief Herbergzaam Nederland die de Nederlandse bisschoppen afgelopen Kerstmis over het grote vluchtelingendrama hebben doen uitgaan, hoop ik dat wij in onze parochies herbergzaam zijn voor vluchtelingen.

In het Heilig Jaar van de Barmhartigheid dat paus Franciscus voor ons heeft geopend, worden wij in het bijzonder opgeroepen om werken van barmhartigheid te verrichten. Daar horen zeker bij het gebed voor mensen in nood alsook het opnemen van de vreemdeling en de vluchteling. Als Kerk kunnen wij veel betekenen voor medechristenen die alles hebben moeten prijsgegeven, die van huis en haard verdreven zijn.

Een Vietnamese bootvluchteling die in 1980 naar ons land kwam zei: “Toen ik als jongen van 12 jaar in Nederland aankwam, was alles anders: het klimaat, de taal, de gewoontes, het eten. Maar wat ik gelijk herkende, was de viering in de kerk. Ook al verstond ik de taal niet, ik wist wat er in de Mis gebeurde. Dat deed mij heel goed. Door de Kerk voelde ik mij gelijk thuis in Nederland.” Dat thuis kunnen wij als Kerk bieden. De ervaring leert dat de gevluchte medechristenen die bij ons een onderdak vonden, ons als Kerk hier in Nederland vaak verrijken. Dat geldt in het bijzonder voor de vluchteling die ik zojuist citeerde: inmiddels is hij reeds de nodige jaren priester van ons aartsbisdom.

Van harte wens ik u allen een Zalig Pasen en een gezegende en vreugdevolle Paastijd!

+ Willem Jacobus kardinaal Eijk, Aartsbisschop van Utrecht

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.