Engelen

Engelen in bijbel en liturgie

Niet alleen in de heilige Schrift wordt op verschillende plaatsen gesproken over het optreden van engelen, maar ook in iedere eucharistieviering wordt aan het slot van de prefatie gebeden of gezongen dat wij in samenklank met de koren van de engelen en de heiligen die staan voor Gods troon, hier op aarde God onze hulde mogen brengen in het zingen van het loflied ‘Heilig, heilig .. .’. Zoals bekend gaat dit gezang terug op Jesaja 6,3 waar vermeld staat dat serafs, op engelen gelijkende wezens, dit lied zingen voor het aanschijn van God.

 

Feestdag van de aartsengelen

Aan het eind van de maand september vieren wij de feestdag van de drie heilige aartsengelen, Michaël, Gabriël en Raphaël. In de algemene Romeinse kalender die na het Tweede Vaticaans Concilie werd herzien, zijn vanwege de vereenvoudiging van de kalender op 29 september de drie afzonderlijke feesten van deze drie in de bijbel genoemde aartsengelen in één viering samengebracht. Voor de datum 29 september is gekozen omdat reeds in de zesde eeuw op deze dag in Rome de kerkwijding van een basiliek ter ere van de heilige Michaël werd herdacht en de feesten van de twee andere aartsengelen pas vanaf 1921 in de algemene kalender van de westerse kerk waren opgenomen.

 

De verschillende aartsengelen

De aartsengel Rafaël (wat betekent: geneesmiddel van God) wordt alleen in het Oude Testament genoemd en wel in het boek Tobit, waar hij de reisgezel is van Tobias en de ogen geneest van zijn vader Tobit. De aartsengel Gabriël is bij zeer vele mensen bekend vanwege de vele afbeeldingen van de blijde boodschap door de engel Gabriël aan de maagd Maria, zoals de evangelist Lucas ons dat verhaalt ( Lc. 1,26 – 38). Gabriël (wat betekent: kracht van God) zegt van zichzelf dat hij voor Gods aanschijn staat (Lc. 1, 19). De aartsengel Michaël die veelvuldig op oosterse iconen staat afgebeeld, is vooral bekend vanwege de strijd tegen de kwade machten. Dit gaat terug op de strijd die Michaël (wat betekent: iemand zoals God) voert in de hemel, zoals staat opgetekend in het Boek van de Openbaring (12,7).

In de eerste eeuwen van de kerkgeschiedenis is sprake van nog een vierde aartsengel, Uriël (wat betekent: licht of vuur van God). Vanaf de achtste/negende eeuw is echter zijn verering verboden, omdat hij niet voorkomt in de bijbel.

 

E. de Jong

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.